Bisschop van Diepen verlaat op 1 augustus 1927 de pastorie om de kerk in te zegenen.
Bisschop van Diepen verlaat op 1 augustus 1927 de pastorie om de kerk in te zegenen.

Kerkgeschiedenis Someren: De apostelkruisjes

zo 28 nov 2021, 08:30 Algemeen

SOMEREN - Het boek ‘Ode aan de Lambertuskerk’ van Cees Verhagen kent vele mooie verhalen. Hieronder een verhaal dat helaas niet in het boek paste.

door Cees Verhagen

Als onderdeel van het inwijdingsritueel van de Sint-Lambertuskerk in Someren zalfde bisschop Mgr. A. F. Diepen op maandag 1 augustus 1927 de binnenmuren op twaalf plaatsen. Deze plekken werden gesymboliseerd door aangebrachte kruisjes in de muren. Bij deze apostelkruisjes werd meestal ook een kandelaar met kaars geplaatst. Bij de kerkwijding werden deze kruisjes gezalfd met chrisma. Chrisma is een mengsel van olijfolie en balsem en is in de katholieke kerk een van de drie heilige oliën. De fundamenten van deze nieuwe stad (kerk) zijn de twaalf apostelen, die daarom ook als symbool voor de kruisjes staan. De kerk was gebouwd op het fundament van de twaalf apostelen. Daarom de twaalf inwijdingskruisjes. 

De kerkwijding
De kerkwijding of ‘kerkconsecratie’ is een plechtigheid waardoor het nieuwe kerkgebouw wordt onttrokken aan het profane gebruik en hierna bestemd wordt voor de eredienst. De ceremonie, die in de oude uitvoering uren in beslag nam, werd verricht door een bisschop. Hij en degenen die de kerkwijding hadden aangevraagd moesten daags tevoren vasten. Om te beginnen trok de bisschop om de kerk en besprenkelde de buitenkant met wijwater om de machten van het kwaad te verdrijven. Hierna klopte hij driemaal op de tot dan toe gesloten deur en volgde er een plechtige intocht van de bisschop en zijn gevolg. Dan werd ook de binnenkant van de kerk en het altaar gezuiverd van alle kwaad door het te besprenkelen met wijwater.

Of al deze oude rituelen tijdens de inwijding van de Lambertuskerk op 1 augustus 1927 ook zijn gevolgd is twijfelachtig, omdat de kerk al in 1926 in gebruik was genomen. De eerste dopeling was Ben Vogels, op 18 juli 1926. Hierna werden de relikwieën plechtig binnengedragen, die daarna in het ‘reliekengraf’ op het hoofdaltaar werden ingemetseld, de kerk was van nu af aan ook een woonplaats van de heiligen. De Lambertusparochie had in 1927 relieken van de H. Laurentius, H. Lambertus, H. Theresia van het kind Jezus, H. Franciscus Xaverius en de H. Donatius. De echtheid verklaringen van deze relikwieën zijn in het parochiearchief bewaard. We weten niet waar de relieken gebleven zijn en of deze ooit in het altaar zijn ingemetseld. Vroeger was elk jaar de herdenking van de kerkwijdingsdag een groot feest. Na de plechtige mis was er ‘kermis’ op het kerkplein. Kermis is afgeleid van kerkmis = de mis op de kerkwijdingsdag. De kermis is door de eeuwen geëvalueerd naar een niet kerkelijk commercieel feest. 

Uit de krant